8 Artsenwoning

Bij de oprichting in 1909 had Het Apeldoornsche Bosch twee psychiaters in dienst. Dit aantal werd later uitgebreid naar vier. In 1937 was er één psychiater op 200 patiënten. Elke arts had één of meer paviljoens onder zijn hoede. Het Apeldoornsche Bosch stond onder leiding van een geneesheer-directeur. Van 1909 tot 1914 was dit dr. Lamei, van 1914 tot 1936 vervulde  dr. Kat deze functie, en vanaf 1936 tot de ontruiming in januari 1943 stond dr. Lobstein  aan het hoofd van de instelling. Onder leiding van dr. J. Kat ontwikkelde Het Apeldoornsche Bosch zich tot één van de meest  toonaangevende psychiatrische inrichtingen in Nederland. De persoonlijke benadering van patiënten stond centraal. Ook dr. J. Lobstein  was intensief betrokken bij de patiënten. Hij verzamelde uitgebreide patiëntengegevens voor een studie naar de relatie tussen erfelijkheid en geestesziekte. Bij de ontruiming in 1943 werd dit unieke archief tijdens de plunderingen vernietigd.

Van zorg naar begeleiding
Ook Groot Schuylenburg had een geneesheerdirecteur aan het hoofd. De artsenwoningen waren in gebruik als woningen voor de directie. In de eerste jaren stond in de instelling de medische zorg voorop. Met de komst van een fulltime psycholoog en een pedagogisch medewerker in 1968 kwam er meer aandacht voor het activeren van mensen met een verstandelijke beperking.

Download de informatie over deze locatie inclusief het ooggetuigenverslag.
De artsenwoning
Bekijk hier de video