7 Sarah-hoeve

Om te kunnen bestaan was Het Apeldoornsche Bosch afhankelijk van leningen, giften en vrijwillige bijdragen. Subsidieregelingen of grote bijdragen van Rijk of gemeente waren er voor de oorlog niet of nauwelijks.Wel werden door de provincie Noord-Holland grote leningen verstrekt, omdat de meerderheid van de patiënten uit Amsterdam kwam. Schenkingen konden in geld, maar ook in natura worden gedaan. Tussen 1916 en 1918 werd een stuk grond geschonken van 3,5 hectare aan de overkant van de Zutphensestraat. Het werd genoemd naar de overleden echtgenote van de schenker: de Sarah-hoeve. Op dit terrein kwamen woningen voor leden van het personeel,waaronder de villa van de geneesheer-directeur en de woning van de godsdienstleraar. Op de Sarah-hoeve lag ook het eerste sportterrein voor verpleegden en personeel.

De Familievereniging
De Sarah-hoeve bleef onderdeel uitmaken van Groot Schuylenburg; verschillende medewerkers woonden op dit terrein. Hoewel de instelling nu door de overheid gefinancierd werd, bleef steun uit de samenleving belangrijk. De Stichting Vrienden van Groot Schuylenburg, later de Familievereniging, maakte het mogelijk wensen van bewoners en hun familie te realiseren.

Download de informatie over deze locatie inclusief het ooggetuigenverslag.
De Sarah-hoeve
Bekijk hier de video